Dissertatieprijzen

De Stichting Praemium Erasmianum kent dissertatieprijzen toe voor bijzondere dissertaties op het gebied van de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen. De Dissertatieprijs bestaat uit een bedrag van € 3.000 en een oorkonde.

Sinds 1988 verleent de Stichting Praemium Erasmianum jaarlijks dissertatieprijzen. Maximaal vijf prijzen worden toegekend aan jonge onderzoekers in de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen die een proefschrift van bijzonder hoge kwaliteit hebben verdedigd aan een Nederlandse universiteit. Aan de betreffende faculteiten wordt gevraagd kandidaten te nomineren. De Dissertatieprijzen 2019 worden uitgereikt op donderdag 16 mei 2019 in de KNAW. Belangstellenden voor de prijsuitreiking kunnen zich aanmelden via deze link.

Naam:
Bas ter Haar Romeny
Jaar:
1998
Dissertatie:
A Syrian in Greek Dress. The Use of Greek, Hebrew and Syriac Biblical Texts in Eusebius of Emesa's Commentary on Genesis

Geboren omstreeks 300 in de stad Edessa, heeft Eusebius een Griekse opvoeding gekregen. Uiteindelijk werd hij bisschop van de gehelleniseerde Syrische stad Emesa. Eusebius' commentaar op het bijbelboek Genesis, het onderwerp van dit proefschrift, is oorspronkelijk in het Grieks geschreven, maar niet in directe overlevering bewaard. Het geheel is echter wel bewaard in een Armeense vertaling. Meer dan zijn Griekse voorgangers worstelt Eusebius met het probleem dat de Griekse Bijbel een vertaling is uit het Hebreeuws en niet altijd precies de bedoeling van de oorspronkelijke bijbelse schrijver weergeeft. De alternatieve bijbellezingen vormen het fundament van het proefschrift. De primaire bronnen in drie zeer verschillende talen (Grieks, Armeens, Syrisch) worden aan minutieuze tekstkritische en inhoudelijke studie onderworpen. Op unieke wijze maakt de auteur Eusebius en zijn worsteling met drie bijbels tot illustratie van de taal- en culturele situatie in het vierde-eeuwse Syrië.

Voordracht: Faculteit der Letteren, Rijksuniversiteit Leiden
Promotoren: Prof. dr. L. van Rompay en Prof. dr. A. van der Kooij