Dissertatieprijzen

De Stichting Praemium Erasmianum kent dissertatieprijzen toe voor bijzondere dissertaties op het gebied van de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen. De Dissertatieprijs bestaat uit een bedrag van € 3.000 en een oorkonde.

Sinds 1988 verleent de Stichting Praemium Erasmianum jaarlijks dissertatieprijzen. Maximaal vijf prijzen worden toegekend aan jonge onderzoekers in de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen die een proefschrift van bijzonder hoge kwaliteit hebben verdedigd aan een Nederlandse universiteit. Aan de betreffende faculteiten wordt gevraagd kandidaten te nomineren. De Dissertatieprijzen 2019 worden uitgereikt op donderdag 16 mei 2019 in de KNAW. Belangstellenden voor de prijsuitreiking kunnen zich aanmelden via deze link.

Naam:
Wouter A.J. Vanstiphout
Jaar:
2005
Dissertatie:
Maak een stad. Rotterdam en de architectuur van J.H. van den Broek

Het proefschrift van Vanstiphout is om verschillende redenen buitengewoon. De belangrijkste heeft betrekking op de in dit boek met veel overtuiging gepresenteerde, nieuwe visie op de architectuurgeschiedenis van de eerste helft van de twintigste eeuw in Nederland. Tot nu toe wordt  niet alleen in vakhistorische kringen  de stelling verdedigd dat de belangrijkste Nederlandse bijdrage aan het internationale bouwen vooral gezocht moet worden in de van overheidswege gestuurde stadsaanleg en woningbouw, met name in de grote steden Amsterdam en Rotterdam. Minder bekend is dat de internationaal erkende kwaliteit van de sociale huisvesting in Nederland voor een belangrijk deel ook te danken is aan de inspanningen van de private bouwsector. Door zich te concentreren op de even omvangrijke als onbekende woonarchitectuur van de Rotterdamse architect Jo van den Broek, is Vanstiphout erin geslaagd om dit verloren gewaande aspect van de Nederlandse woonarchitectuur opnieuw onder de aandacht van historici, volkshuisvesters en beleidsmakers te brengen. Door zich te richten op de samenhang tussen Van den Broek als denkend en uitvoerend architect én de talrijke lokaalstedelijke verhalen (over de haven, het bombardement, de wederopbouw en latere stadsontwikkeling) binnen Rotterdam, heeft Vanstiphout een uniek boek geschreven dat het midden houdt tussen een architectenbiografie en een stadsmonografie van Rotterdam. Daarmee heeft hij de architectuurgeschiedenis verrijkt en in methodologische zin de weg vrij gemaakt voor een nieuw type architectuurgeschiedenis. De vormgeving van het boek is even origineel als de inhoud, met name door de onorthodoxe keuze en reproductiewijze van het beeldmateriaal. De foto's zijn niet louter een illustratie van de tekst, maar laten zich als zelfstandig beeldmateriaal 'lezen'.

Voordracht: Faculteit der Letteren, Rijksuniversiteit Groningen
Promotor: Prof. dr E.R.M. Taverne