Dissertatieprijzen

De Stichting Praemium Erasmianum kent dissertatieprijzen toe voor bijzondere dissertaties op het gebied van de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen. De Dissertatieprijs bestaat uit een bedrag van € 3.000 en een oorkonde.

Sinds 1988 verleent de Stichting Praemium Erasmianum jaarlijks dissertatieprijzen. Maximaal vijf prijzen worden toegekend aan jonge onderzoekers in de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen die een proefschrift van bijzonder hoge kwaliteit hebben verdedigd aan een Nederlandse universiteit. Aan de betreffende faculteiten wordt gevraagd kandidaten te nomineren. De Dissertatieprijzen 2019 worden uitgereikt op donderdag 16 mei 2019 in de KNAW. Belangstellenden voor de prijsuitreiking kunnen zich aanmelden via deze link.

Naam:
Marieke Schouwstra
Jaar:
2014
Dissertatie:
Semantic Structures, Communicative Strategies and the Emergence of Language.

Promotor: Prof. dr H.E. de Swart
Voordracht: Faculteit Geesteswetenschappen, Universiteit Utrecht

Overwegingen van de Selectiecommissie
Het bijzondere van het onderzoek dat ten grondslag ligt aan dit proefschrift is dat Marieke Schouwstra, gewapend met kennis van taalfilosofie en evolutietheorie, een manier heeft gevonden om de evolutie van taal met empirisch onderzoek te bestuderen. Woordbetekenis en communicatie hebben een rol gespeeld in de beginstadia van taalevolutie. Marieke heeft een reeks vernuftige experimenten opgezet om uit te vinden welke rol. Door in de proefopstellingen geïmproviseerde communicatie als indirecte evidentie op te voeren voor evolutie van taal, krijgen we inzicht in de drang van de mens om door middel van taal de wereld om zich heen te ordenen. Dit onderzoek belooft een opwindend nieuwe onderzoekslijn te worden naar een fundamentele vraag van ons mens-zijn.

Biografie
Marieke Schouwstra studeerde Cognitieve Kunstmatige Intelligentie in Utrecht. Ze schreef een afstudeerscriptie binnen de formele taalkunde en taalfilosofie, en startte daarna haar promotie-onderzoeksproject over taalevolutie. In haar onderzoek keek Marieke naar verschillende vormen van ‘beperkt’ taalgebruik, die ontstaan in situaties waarin mensen hun moedertaal niet kunnen gebruiken. Tijdens een werkbezoek aan de University of Edinburgh begon ze met het doen van lab-experimenten waarin volwassen proefpersonen met geïmproviseerde gebaren informatie overbrengen. In haar proefschrift verenigde ze haar taaltheoretische inzichten en empirische observaties in een beeld van het ontstaan van taal waarin taal eerst complexe betekenissen ontwikkelde en daarop vervolgens syntactische regels baseerde. Na een korte periode als docent Taalwetenschap aan de Universiteit Utrecht zette zij haar onderzoek voort met een onderzoeksbeurs van de British Academy, als postdoc aan de University of Edinburgh. Met haar project ‘Simulating Conventionalisation in the Lab’ onderzoekt ze de oorsprong van complexe structuur in taal door in het lab te kijken naar geïmproviseerde communicatie en culturele evolutie.